Richtlijn milt

Vaccinaties:
De volgende vaccinaties dienen door uw huisarts of uw behandelend arts gegeven te worden.

Pneumokokken: vaccineren met PCV-13 (Prevenar®) en PPSV-23 (Pneumovax®).
  • nooit eerder gevaccineerd: starten met Prevenar®, minimaal 2 maanden later gevolgd door Pneumovax®, na 5 jaar eenmalig Pneumovax® herhalen
  • eerdere vaccinatie met Pneumovax®: vaccineer met Prevenar® bij voorkeur minimaal 1 jaar na Pneumovax®; geen booster Pneumovax® nodig
  • eerdere vaccinatie met Prevenar®: vaccineer met Pneumovax® minimaal 2 maanden na Prevenar®
  • revaccinatie: eenmalig Pneumovax® herhalen, minimaal 5 jaar na eerste maal Pneumovax® (en minimaal 2 maanden na Prevenar®).
Haemophilis influenzae type b: vaccinatie eenmalig met Act-Hib® (niet meer indien al regulier gevaccineerd).
Meningokokken: vaccinatie eenmalig met Men ACWY (NB. vervanging van Men C sinds sept. 2017; niet meer met Men ACWY indien al regulier gevaccineerd).
Griep of influenzavirus: vaccinatie (griepprik) jaarlijks in oktober of november.

De volgende antibiotica altijd op zak:
Wanneer u koorts hoger dan 38.5 graden met koude rillingen krijgt, kunt u direct beginnen met een kuur, totdat zeker is of het wel of geen bacteriële infectie is. U dient bij enige verdenking van een infectie altijd contact op te nemen met uw huisarts.

  • Amoxicilline/clavulaanzuur (Augmentin®); in te nemen bij koorts hoger dan 38,5 C of bij plotseling ernstig onwelbevinden en/of verdenking op een infectie (driemaal daags 500/125mg)
  • Bij overgevoeligheid voor penicilline: Moxifloxacine; (eenmaal daags 400 mg) of Clarithromycine (tweemaal daag 500 mg)
  • Clindamycine (driemaal daags 600 mg) plus Ciprofloxacine (tweemaal daags 500 mg), direct in te nemen na honden- en kattenbeten (ook de wond laten reinigen).
  • Behandelduur vaak vijf dagen, uiteraard afhankelijk symptomen en verder onderzoek door huisarts.

Let op:

Bij een verminderde of geen werking van de milt is er ook een verhoogd risico op de volgende infecties:

  • Er is een verhoogd risico op malaria. Probeer malariagebieden zo veel mogelijk te vermijden. Mocht u toch naar een risicogebied gaan, zorg dan dat u goed beschermd bent door op tijd met antimalariamiddelen te beginnen. Informatie hierover kunt u altijd opvragen bij uw huisarts. Gebruik daarnaast anti-insectenmiddelen en lichaamsbedekkende kleding.
  • Infectie als gevolg van dieren- of mensenbeet. Wanneer u gebeten wordt, komt u in aanraking met lichaamsvreemde bacteriën wat een infectie kan veroorzaken. Daarom dient u dan ook direct te beginnen met een antibioticakuur en contact op te nemen met de huisarts.
  • Infectie als gevolg van teken. Men heeft een verhoogd risico op het ontwikkelen van een infectie veroorzaakt door een Babesia. Dit is een bacterie die wordt overgebracht door een hertenteek. Zorg voor goede lichaamsbedekkende kleding als u een bebost gebied in gaat waar veel teken voorkomen.